Ga naar de inhoud

Aan tafel boeren, burgers, boden en buitenlui!

24 september 2016 — 11 februari 2017

20160915-poster
Van 24 september 2016 tot en met 11 februari 2017 staat Het Voorhuis in het teken van de tafelcultuur van de boeren, burgers, boden en buitenlui van Nederland. Deze tentoonstelling is tot stand gekomen door samenwerking met gastconservator-kunsthistorica Sanny de Zoete uit Delft. Haar collectie tafellinnen is het uitgangspunt. In dit kleine plattelandsmuseum aan het Koekoekspad in Bleskensgraaf ligt meer linnengoed dan in alle grote Nederlandse musea bij elkaar.

Hoe dekt men de tafel in de twintigste eeuw? Wel, om te beginnen natuurlijk met een tafellaken, want van kale tafels at men tot ver in de jaren zeventig niet. Belangrijk was het gevoel dat de vrouw voor haar linnengoed had. Vindt ze het een ramp, al die vlekken, of geniet ze van een mooi gedekte tafel? Dat gevoel bepaalt meer hoe haar tafel er uitziet dan haar sociale status. Ook een eenvoudig gedekte tafel ziet er dan smaakvol uit. In het museum zijn voorbeelden te zien uit alle lagen van de bevolking; van een simpel katoentje tot het zondagse wit damasten tafellaken en het eenvoudige blokken tafellaken voor de boden, (het bedienend personeel), want ook die aten niet van kale tafels.

Door het hele museum staat het linnengoed volop in de schijnwerpers: het miniatuur linnenkabinet ontlokt iedere bezoeker een glimlach, de miniatuur mangel en linnenpers laten de zorg zien voor het linnengoed in vroeger tijden. Linnengoed was eeuwenlang hét statussymbool van de vrouw, daarom kerfde een jonge man in 1665 voor zijn aanstaande bruid in een mangelplank: ‘wit gewassen en net in de vouw, dat is een sieraad voor een schone vrouw’. Waarbij de ‘schone’ vrouw twee betekenissen heeft: zij is schoon én mooi. Twee gedichten over damast; een lofdicht  uit de 17de eeuw en een klaagzang  uit de 21ste eeuw zijn met rood linnen garen in blokletters op bijpassend linnen geborduurd.

Ook de voorwerpen die bij de gedekte tafel horen zijn te zien: de bordenkleedjes (doiley’s) die tegen de herrie en het krassen onder de borden werden gelegd, de messenleggers voor de burgerlijke milieus, het servettenkettinkje zodat het servet gedistingeerd onder je hals hing en het niet in de knellend stijve boord van het overhemd hoefde te worden gepropt.

20160915-servetHeel bijzonder is dat het linnengoed niet achter glas ligt maar dat je het mag uitvouwen en aaien, ook de servetten uit de 17de eeuw. Zo kunnen de bezoekers de stapels tafellakens en servetten uit het linnenkabinet van heel dichtbij bekijken en het verschil in kwaliteit voelen; de glans van het oersterke linnen, het zogenaamde gemak van katoen, de glim van rayon. Zo kunnen ze op zoek naar de wereldgeschiedenis verstopt in tafellakens voor het ontbijt: hoog in de lucht zweeft een zeppelin, in de gele zandwoestijn staat een piramide, Margotje, dochter van een linnenfabrikant, is omringd door al haar speelgoed in 1930, een familie borduurt alle feestelijke etentjes met naam en symbolen in hun tafellaken, de Nederlandse leeuw steekt met een dolk door de vlag met hakenkruis als symbool van het eind van de Tweede Wereldoorlog. De bevrijding gevierd met oranje oranjeappeltjes. En dat was er allemaal als je ’s morgens wakker werd en met slaperige ogen aan de ontbijttafel ging zitten.

Uit alle eeuwen zijn er servetten met intrigerende voorstellingen: Bijbelles uit de 17de eeuw, jagers te paard uit de 18de eeuw, putti die hun handen warmen bij een haardvuurtje uit de 19de eeuw, de bevrijding van de vrouw uit de 20ste eeuw.

En, heeft u altijd al willen weten wat het betekent om iemand door de mangel te halen, kom dan ook beslist kijken, want hier ziet u het verbeeld!